De verwachtingen van nakomelingen uit het fokprogramma zijn hoog. Deze dieren zijn afkomstig van veelal jonge donoren die worden gecombineerd met genetisch toonaangevende stieren. De daaruit gewonnen embryo’s worden ingezet op Elitebedrijven, voorheen satellietbedrijven. Van alle nakomelingen uit embryo’s wordt via merkeronderzoek bepaald of zij op het bedrijf blijven of als donor voor het fokprogramma verhuizen naar het Dairy Breeding Center in Wirdum. Al deze dieren zijn meegenomen in het onderzoek.
Voor haar onderzoek analyseerde Lineke gegevens uit een periode van tien jaar. In totaal ging het om 5.696 dieren uit embryo’s en 134.322 bedrijfsgenoten, verspreid over 417 bedrijven. De dieren die geboren zijn uit fokprogramma-embryo’s worden hierna aangeduid als Delta-dieren.
Lineke vergeleek zowel de genetische aanleg als de feitelijke prestaties op het gebied van productie, gezondheid en exterieur. De dieren werden gevolgd gedurende maximaal vijf lactaties, met een minimum van drie lactaties. Tenzij anders vermeld zijn de genoemde verschillen significant (p < 0,001).
‘Qua erfelijke aanleg zijn de embryodieren op alle kenmerken significant beter. Dat zien we ook terug in nagenoeg alle daadwerkelijke prestaties’, vertelt Lineke.


